Selecteer een pagina

12 januari 2006. Het is donderdagavond en ik volg in mijn eerste yogales ooit. We beginnen met een meditatie, gewoon in kleermakerszit. Toch merk ik dat ik mijn enkels al een beetje begin te voelen. Ik kijk om me heen en zie dat iedereen daar ‘superzen’ op zijn of haar kussen zit. Hmhm….

In de eerste houding, de Caterpillar (ook wel Rups genoemd: een vooroverbuiging waarbij je je benen voor je legt en met je handen over je benen ‘loopt’,  zodat je rug bolt), voel ik dat ik bijna rechtop blijf zitten en niet verder voorover kán buigen. Ik kijk stiekem naar mijn buurvrouw, die met haar bovenlichaam op haar benen ligt en waarbij het lijkt alsof de houding haar moeiteloos af gaat. Pfff, ik ben vast niet lenig genoeg….

Toen ik (Irene) elf jaar geleden mijn eerste yogales volgde, was ik nou niet bepaald meteen overtuigd dat het iets voor me was. Ik lette vooral op anderen – vooral jonge meiden in hippe leggings die zich moeiteloos in allerlei bochten wrongen. Dat zou ik toch nooit kunnen? Ik, met mijn hardloperslichaam en vooral heel erg korte hamstrings, vond alleen al in kleermakerszit zitten lastig. Ik vond het daardoor maar moeilijk om wekelijks naar de yogales te komen. Yoga… dat was niet aan mij besteed, dacht ik.

Ideaalbeeld: lenig en yoga

Inmiddels weet ik wel beter. Yoga is meer dan alleen fysieke houdingen uitvoeren. Ik ben gaan onderzoeken waarom ik het zo vervelend vond dat anderen ‘beter’ in de houdingen konden staan. En wat is dan ‘beter’? Ik ben erachter gekomen dat dit met name in m’n hoofd zat: een beeld waar ik aan zou moeten voldoen. Ik besefte me dat ik wel alles zou kunnen doen om dit plaatje te verwezenlijken, maar dat ik mezelf daar schade mee aan zou doen: overstrekken en over mijn ‘rekgrens’ heen gaan.

Het hier en nu

Tijdens een yogales nemen we ‘het hier en nu’ als uitgangspunt. Door de oefeningen word je je bewust van hoe jij, letterlijk en figuurlijk, in jouw vel zit. Sommige oefeningen zullen je gemakkelijk afgaan, terwijl andere een verschrikking zijn. Op die manier krijg je meer inzicht in jezelf en hoe jij in het leven staat. Door dat inzicht heb je de mogelijkheid om er iets aan te doen. Want yoga zorgt er heel erg voor dat je je bewust wordt van je eigen innerlijke kracht. Je kunt zoveel meer dan je denkt dat je kunt, als je er maar in gelooft en bij jezelf blijft.

Geef jezelf de ruimte

Als je bij een vooroverbuiging je tenen niet kunt aanraken, dan betekent dat niet dat je geen yoga kunt doen. Het is een signaal dat yoga heel goed voor je lichaam (kan) zijn. Begin met de oefening en doe ‘m zo goed als het gaat. Zoek je grens op, verleg deze stapje voor stapje, maar ga niet te snel. Door de oefening regelmatig te herhalen, zul je merken dat het na verloop van tijd beter gaat.

Dus als je de volgende keer een houding doet die bij jou weerstand – lichamelijk of fysiek –  veroorzaakt, zie dat dan als een kans om te onderzoeken waar die weerstand vandaan komt. En hoe je hiermee om kunt gaan. Zo blijkt maar weer: lenigheid is geen voorwaarde om yoga te doen, maar wel een fijn gevolg. Zowel mentaal als fysiek. Dát is yoga!

Kijktip: ook dit kan het effect van yoga zijn.